Geert Dekker

402.515 euro

Dat is het salaris van de president van De Nederlandsche Bank in 2008. Het zou een mooi plafond zijn voor de salarissen in de bankwereld, zeggen vakbonden en GroenLinks. Beleggers en beloningsdeskundigen schudden hun hoofd: dat kan helemaal niet. De minister: ‘Eén lijn trekken is te arbitrair.’

Geen zee gaat hem te hoog, want nu fleurt Barack Obama ook al het Nederlandse debat over de topsalarissen op. Vijfhonderdduizend dollar, sprak de Amerikaanse president ferm, vijfhonderdduizend dollar, dat is het maximum dat bestuurders mogen verdienen die bij een bank werken die met staatssteun overeind wordt gehouden.

Een onweerstaanbare combinatie, Obama en het begin van het einde der graaitijden. Geweldig idee, klonk het in de Tweede Kamer, waar lokaal nog steeds wordt gemokt over de 750.000 euro (963.000 dollar) die Gerrit Zalm incasseert als bestuursvoorzitter van Fortis/ABN Amro. En waar – iets minder lokaal – nog steeds verontwaardiging heerst over de onverstoorbaarheid waarmee bonussen over tafel blijven gaan bij banken die zelf hun broek niet kunnen ophouden. Tijd voor een duidelijk signaal, tijd om de hakken in het zand te zetten: tot hier en niet verder. Dat zal ze leren, die bankiers.
Maar waar moeten de hakken in het zand worden gezet? Een plafond, oké, maar hoe hoog?

Het is een vraag met weinig antwoorden. De experts in beloningspakketten en met kennis van de effecten van allerlei soorten prestatiebeloning moeten er diep bij zuchten.
‘Nee, dat is echt te kort door de bocht’, zegt Gerard Zaalberg, beloningsexpert bij Hay Group. ‘In deze situatie is het te begrijpen dat de overheid zich bemoeit met de beloning van het topmanagement. Er moet per slot van rekening verstandig worden omgegaan met overheidsmiddelen en het moet ook allemaal uit te leggen zijn. Maar één bedrag, zoals bij de Balkenende-norm, dat is mij te dogmatisch. Dat doet geen recht aan de verschillende omstandigheden waarin de verschillende bedrijven verkeren.’

Arthur Claassen van Hewitt Associates zegt dat het niet haalbaar is. ‘Het idee sluit wel aan bij een trend. Men wil in topbeloningspakketten van de onbeheersbaarheid af, van de uitschieters door een onverwacht grote waardestijging of -daling van de aandelen of opties die in het pakket zitten. Maar ik kan niet zeggen wat een geschikt maximum zou zijn. Daarvoor zijn de details en de nuances te belangrijk. Afgezien daarvan: ik denk dat het leidt tot een ongewenste tweedeling in de financiële wereld en dat de arbeidsmarktpositie van de door de staat gesteunde banken op de lange termijn schade zou oplopen.’

Die tweedeling is helemaal geen punt voor GroenLinks, groot voorstander van een ‘cap’ op het salaris van bankiers. ‘Het punt is juist dat zo’n maximum past in de grote vernieuwing die de bankensector moet ondergaan’, zegt woordvoerder Tom van der Lee. ‘Daarbij splitsen banken zich op. Investment banking, het risicovolle bankieren voor bedrijven, wordt weggehaald bij de klassieke nutsfunctie van banken. De instituten die dan overblijven – marktpartijen, dat wel – hebben een veel lager risicoprofiel en daar past uitstekend een veel lager salarisplafond bij.’

Voor de hoogte van de cap wijst Van der Lee op de salarissen van de toezichthouders, Hans Hoogervorst bij de Autoriteit Financiële Markten (ongeveer 275.000 euro) en Nout Wellink bij De Nederlandsche Bank (de genoemde 402.515 euro). ‘Ergens in die richting, denken wij. Punt één omdat we het hier hebben over de Nederlandse markt. Punt twee omdat het toch raar zou zijn als een bankier meer verdient dan ‘de baas’ van zijn sector, de president van De Nederlandsche Bank.’
Carla Kiburg, bestuurder bij FNV Bondgenoten (met ABN Amro in haar portefeuille), heeft nog een argument voor een bedrag in deze orde van grootte. ‘Wij pleiten voor een verband tussen de hoogste en laagste inkomens bij een bedrijf, een herleidbare relatie. Die is er niet bij al die miljoenenbonussen. Maar als je bedenkt dat de Balkenende-norm relatief laag is, en dat de 750.000 euro van de heer Zalm een gigantisch salaris is, dan is er wel wat te zeggen voor het gemiddelde van die twee.’ Dat is 460.000 euro. Kiburg: ‘Dat is een mooi getal.’ Ter vergelijking: in 2007 werd Michel Tilmant van ING beloond met 3,3 miljoen euro, Votron van Fortis met 3,25 miljoen, Sjoerd van Keulen van SNS Reaal met 1 miljoen.

Maar doen dan? Minister Bos van Financiën doet het niet. Zijn woordvoerster laat weten dat het kabinet bovenal streeft naar een duurzaam beloningsbeleid voor de financiële sector. Geen beloning voor falen dus, sobere vertrekregelingen en als het gaat om prestatiebeloning heldere criteria en een focus op langetermijndoelen. Bij ABN Amro ís de staat enig aandeelhouders, dus dat zal daar snel geregeld zijn. Bij Aegon, ING en SNS Reaal – voorzien van overheidsgeld zonder dat daar stemrecht tegenover staat – is de raad van commissarissen beleefd doch dringend verzocht speciale aandacht te schenken aan dit onderwerp. En hoe hoog mag de beloning zijn? ‘Eén lijn trekken is te arbitrair’, aldus het ministerie. ‘Vijf ton kan ook te hoog zijn.’

____
De miljoenenbonussen zijn de wereld níet uit
Een ‘goede structuur’ van het beloningsbeleid, waarin het draait om langetermijndoelen – zoals de minister van Financiën wil -, daar zijn beleggers helemaal voor. Dat zegt Rients Abma, directeur van Eumedion, dat de belangen behartigt van institutionele beleggers (pensioenfondsen, verzekeraars). Maar een maximum van drie of vier ton…. ‘Je wilt toch gekwalificeerde mensen aantrekken en behouden.’ Abma is ook geen voorstander van ‘het uitschakelen van bonussen’. Alleen moet de uitkering van die bonussen afhankelijk worden gesteld van het halen van langetermijndoelen, dus gerekend over een periode van drie tot vijf jaar. En als dat goed gaat, kan dat leiden tot forse bonussen. ‘Maar niet als de sector slecht blijft presteren.’

___
Gepubliceerd in Intermediair, 19 februari 2009.

Deze site is gemaakt met Textpattern.
© Geert Dekker, 2022